Eikebah en het reisverslag: dag 6 en 7.

Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen: Boedapest is een pareltje. Het Parlement – één van de bekendste monumenten van Boedapest – draagt daartoe bij. Als dit niet het mooiste parlement ooit is dan weet ik het zelf ook niet.

Aangezien Het Lief en ik EU-burgers zijn, mochten we gratis deelnemen aan de tour. Gratis, dat horen we graag. De tour was zijn nul euro trouwens ontzettend waard, want we zagen niet alleen een scheve kroon, maar ook een horde persmensen. Toen er plots een man in pak langs ons – bende toeristen – passeerde, werd de horde gek. Waarop onze gids zonder enige interesse wist mee te delen dat die man de president van Hongarije was. Voor zij onder ons die te lui zijn om Wikipedia te openen: de president van Hongarije heet László Sólyom. En hij passeerde ons! Wij voelden ons meer geprivilegieerd dan de doorsnee Hongaar, maar onze Hongaarse gids was duidelijk not impressed. Door niets overigens. Onze gids deed niets liever dan de huidige Hongaarse meerderheid te kakken te zetten. Cru gezegd, maar zo was het wel. Bovendien werd dit alleen maar erger door een bende Amerikanen die niets liever deden dan de communisten te kakken te zetten. Politiek plezier verzekerd! Voor zij die graag de laatste restjes persmensen zien:

Voor zij die ooit nog naar Boedapest zouden trekken: het antwoord op de vraag is “omdat de asbakken onder UNESCO vallen”. Het is maar dat u het weet. Hierna konden Het Lief en ik onze botte boterhammenmessen terug gaan halen die we aan de security hadden moeten afgeven. In Hongarije vinden ze dat écht niet grappig, dat je vergeet te melden dat je soms boterhammen smeert. Zeker niet als je het soms ‘s middags doet en de messen daarom overal mee naartoe moet zeulen.

Het volgende gebouw dat we in onze schoot geworpen kregen was de Sint Stefanusbasiliek. In het Hongaars klinkt dat wel anders, namelijk Szent István Bazilika. Tot zover het enige verstaanbare Hongaars op heel onze trip. Omdat het toch maar belachelijk warm werd en omdat ik de geschifte gidsen miste, gingen we naar de Staatsopera. Deze zag er vele jaren geleden zo uit:

Ondertussen ziet het er nog hetzelfde uit, maar dan minder bruin en meer in multicolor. Wat ik vooral onthouden heb van deze staatsopera is de heuse machtsstrijd die er woedde tussen Oostenrijk en Hongarije toen beide landen nog één land vormden. Dat land heette inspiratieloos Oostenrijk-Hongarije, voor de jongeren onder ons. Frans Jozef I (de keizer) had tijdens het bouwen van de opera bevolen dat deze niet groter mocht zijn dan die in Wenen. Dat herhaalde de gids zowat tien keer per minuut. Telkens voegde hij er het zinnetje ‘but he forgot to say it couldn’t be more beautiful’ aan toe. Als u eens echt een gids wilt jennen, raad ik u aan naar daar te gaan en nog voor de tour begint luidop te declameren dat de Opera van Wenen mooier is. Wellicht wordt u opgesloten in het toilet. Omdat Het Lief na dit bezoek zijn testosterongehalte moest opkrikken nam hij duizend vage foto’s van een Maserati. Voor mijn mannelijke lezer zal ik er eentje van publiceren:

Witte auto’s zijn toch altijd een beetje goedkoop en Johnny, hoor. Het is maar dat u het weet, mannelijke lezer. Omdat ik wel al wat mooiere exemplaren had gezien, besloten we het die dag voor bekeken te houden. Wat ons brengt op de volgende dag die geopend werd met een plots veel kleinere en plattere foto:

Het Terror House – een tip van één van jullie – was een echte aanrader om de geschiedenis van Hongarije beter te begrijpen en om een krop in de keel te krijgen bij zowat elk videoscherm dat naast je opdoemde. Dat waren heel wat schermen, ik verzeker het je. Toen we het museum terug buiten gingen, viel de hitte op onze schouders. Godzijdank had ik net enorm veel bewijs gezien dat er véél ergere dingen zijn dan een warme dag of ik was vergeten te relativeren. Uiteindelijk zou ik ook vergeten te relativeren, enkele uren later. Of iets minder dan “enkele uren”. Toen we in het oude stadsdeel (Boeda) waren aangekomen, raakte ik officieel oververhit waardoor ik een hele scène maakte. Enkele Britse toeristen keken me vol angst aan en begonnen tegen elkaar over wat mijn probleem wel niet was. Godzijdank had ik toch nog enig besef en ben ik ook niet nog eens in het Engels scène beginnen maken. Als u mij scène wilt zien maken, moet u er gewoon voor zorgen dat ik het te warm heb. Het drama komt vanzelf. Na drama, traantjes, koppigheid en traantjes begon ik toch te kalmeren en kon Het Lief voorzichtig terug naderbij komen. Conclusie van dit alles: ik zou na vijf minuten al weggestemd worden op Expeditie Robinson, maar niet in 71° Noord. Meer relevante conclusie: het was er eigenlijk best wel mooi.

Daarna waren er plots erg veel vlaggen:

Vlaggen maken mij altijd enorm blij dus ik kon er weer even mee verder. Hier genoten we van een prachtig uitzicht op de Kettingbrug en het Parlement:

We sloten onze dag af in Boedapest door naar de Gellért-baden te gaan. Daar stonden we gewoon te staren, want ze waren al gesloten. Wist u al dat alles in Boedapest gesloten is om 18.00? Net zoals hier, eigenlijk. Verder staarde ik om zes uur ‘s avonds nog steeds naar een thermometer waar “33°C” op stond te pronken. Om zes uur ‘s avonds. Volgend jaar ga ik naar de noordpool. En volgende keer leest u hier over onze dagen in Slowakije.

Comments
7 Responses to “Eikebah en het reisverslag: dag 6 en 7.”
  1. Lime zegt:

    Hilarisch reisverslag :-)

  2. Sara zegt:

    Zelfde reactie als hierboven. Ik lach mij altijd een kriek met jou!

  3. Greet zegt:

    Hahaha, dat van die scène is echt zó herkenbaar, ik kan soms ook echt mijn kookpunt bereiken en dan verander ik in een peuter met een tantrum van hier tot ginder, ocharme onze lieven!

  4. Erwt zegt:

    Met een naam als terror house zal er wel iets verschrikkelijk gebeurd zijn met de mensen die een forto op de gevel hebben, maar toch vind ik Istvan Kiss een grappig.:p

    Trouwens, je zegt dat het antwoord is “Omdat asbakken onder UNESCO vallen.” Maar je hebt in je hele blogpost geen vraag gesteld vooraleer je dat antwoord gaf. Dus vraag ik me af wat de vraag eigenlijk is die bij jouw antwoord past?

    • Erwt zegt:

      Ik vind Istvan Kiss een grappige naam.

      Blijkbaar ben ik meer moe dan ik dacht.

    • eikebah zegt:

      De vraag leer je enkel kennen als je naar daar gaat hé. Dat was de clou van het antwoord. Maar de vraag is wel niet zo moeilijk te bedenken, peis’k. Of wel? :)

      • Erwt zegt:

        Ik stel de vraag aan jou wat de vraag eigenlijk is, dus is de kans groot dat het antwoord op jouw vraag aan mij is: Nee, ik vind die vraag wel moeilijk te bedenken. :P

        Het is nu eenmaal de gebruikelijk om een vraag te stellen als je iets niet weet of begrijpt. Of niet? :)

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.